De lente: Woordkaarten
Woordenschat die aan bod komt: de lente, de zon, de regen, de wolk, de regenboog, de bloesem, het blad, de boom, de tak, de bladeren, de bloem, de tulp, de roos, de narcis, de krokus, de bloembol, de zaadjes, de tuin, de moestuin, de plant, de wortels, de aarde, het schaap, het lam, de vogel, het kuiken, het paard, het veulen, de koe, het kalf, het varken, het big, de vlinder, de rups, de bij, de mier, het konijn, de kikker, het nest, de eieren, de paashaas, het paasei, de hark, de gieter, de handschoenen, de laarzen, de kruiwagen, de emmer, het schepje, planten, zaaien, plukken, maaien, sproeien, snoeien, groeien.
De lente: Woordenboek