De winter: Woordkaarten
Woordenschat die aan bod komt: de winter, de sneeuw, de sneeuwbal, de sneeuwman, de sneeuwvlok, het ijs, de ijspegel, het vuur, de slee, de ski’s, de schaats, de iglo, de winterjas, de muts, de sjaal, de wanten, de handschoenen, de oorwarmers, de thermometer, de temperatuur, de chocomelk, de koek, de pinguïn, de ijsbeer, koud, warm, nat, droog, smelten, sleeën, skiën, schaatsen
De winter: Woordenboek
De winter: Woordenschatblad